
Deze jongen lijkt op het eerste gezicht een doodgewone jongen van een jaar of zeven. Echter, hij is alles behalve gewoon. Samen met zijn overgrootmoeder en een ‘childminder’ was hij bij Mount Moriah, waar ik aan hem en zijn overgrootmoeder werd voorgesteld vanwege zijn opmerkelijke verhaal.
In Zuid-Afrika, waar veel jonge mensen sterven aan HIV/AIDS, is een persoon van meer dan tachtig jaar oud een grote uitzondering. De overgrootmoeder van deze jongen is een van de gelukkigen. Alleen haar gerimpelde gezicht en haar ietwat stijve bewegingen verraden dat ze niet meer de jongste is. Deze vrouw, die haar kinderen en kleinkinderen heeft zien sterven, voedt nu deze jongen op. Met een gezicht dat van onbegrip en ongeloof spreekt, vertelt de overgrootmoeder dat de gemeenschap haar ervan probeerde te overtuigen de jongen bij Mount Moriah te ‘dumpen’ nadat zowel de grootouders als de ouders van de jongen waren overleden.
Wanneer de overgrootmoeder de jongen iets wil zeggen prikt ze met een vinger in zijn borst om zijn aandacht te trekken. De jongen kijkt naar haar, maar zegt niets: hij kan horen noch praten. Sinds kort gaat hij naar een speciale school waar aandacht en begrip is voor zijn beperking. Hoewel deze school er niet voor kan zorgen dat hij kan horen, heeft hij de afgelopen tijd wel geleerd een paar woorden te praten. Hij is echter te verlegen om dat te demonstreren.
Terwijl we staan te praten trekt iemand de muts van zijn hoofd en wijst. Daar bij zijn oor en de haargrens zijn allemaal bultjes te zien. ‘Kijk, dat komt van de AIDS’. Drie maanden geleden, na lang aandringen bij de overgrootmoeder, is de jongen getest voor HIV. De uitslag was positief. Vandaag komen ze de eerste dosis medicijnen ophalen, wetende dat hij deze voor de rest van zijn leven zal moeten gebruiken, ongeacht de bijwerkingen.
De overlijdensaktes van de ouders van de jongen laten niet zien dat ze aan AIDS zijn overleden. In theorie is AIDS niet een ziekte waar je aan overlijdt. HIV is een virus dat het immuunsysteem van een besmet persoon verzwakt, waardoor een besmet persoon makkelijk allerlei ziektes krijgt. Het immuunsysteem is niet in staat om deze ziektes te verslaan. Daarom overlijden mensen met AIDS uiteindelijk aan bijvoorbeeld tuberculose. Het is hoogstwaarschijnlijk dat de ouders van de jongen wel aan AIDS zijn overleden. De jongen kan bij zijn geboorte de besmetting van zijn moeder hebben gekregen. Zijn moeder heeft het misschien van zijn vader gekregen. En van wie heeft zijn vader het gekregen? En aan wie hebben ze het verder doorgegeven?
Mount Moriah is een van de partner organisaties van Dorcas. De organisatie zet zich in om de levenststandaard voor hen die geinfecteerd zijn met HIV/AIDS te verbeteren en het aantal nieuwe infecties te verminderen. Voor deze jongen heeft de organisatie gezorgd voor een televisie. Een televisie is een luxe die veel mensen in de gemeenschap zich niet kunnen veroorloven. Voor de jongen brengt de televisie afleiding en een manier om te leren. Mount Moriah zorgt er daarnaast voor dat de jongen de medicijnen krijgt die hij nodig heeft. Om te voorkomen dat de situatie van de jongen verslechtert, moet hij verschillende medicijnen op verschillende tijdstippen innemen. De organisatie heeft de overgrootmoeder dat geleerd. Ze weet ook dat ze de grootste pillen het beste met jam of pindakaas kan geven… Verder hebben de overgrootmoeder en de jongen een ‘childminder’ toegewezen gekregen. Deze childminder heeft de taak om de jongen in de gaten te houden. Zij moet niet alleen controleren of hij zijn medicijnen op tijd krijgt, maar ook dat zijn nagels worden geknipt.
Met een tas vol pillen, drie bananen, een half pak koekjes en een blok hout voor de kachel vanavond, gaan de overgrootmoeder en de jongen op weg. Ze gaan een onzekere toekomst tegemoed. Gelukkig hebben ze elkaar.
0 reacties:
Een reactie plaatsen