donderdag 16 oktober 2008

Alleen een HIV test geeft zekerheid


Ben je HIV positief? Hoe weet je dat zo zeker? Heb je je laten testen? De enige manier om erachter te komen of je HIV positief bent, is door een HIV test. Zolang je geen test hebt gedaan, kun je niet met 100% zekerheid zeggen dat je niet besmet bent met HIV.
In Nederland is de kans dat je HIV positief bent maar klein. In Zuid-Afrika is de kans groot. Testen is dan van levensbelang. Wanneer je op tijd weet dat je HIV positief bent, kun je daar met je levensstijl rekening mee houden. Wanneer je zeker weet dat je HIV negatief bent, kun je er alles aan doen om dat zo te houden.

St Francis benadrukt in hun preventie-activiteiten dat het belangrijk is om je te laten testen. Preventie is meer dan alleen voorkomen dat mensen besmet raken met HIV. Preventie is ook voorkomen dat mensen ‘voortijdig’ overlijden. Elk individu dat overlijdt is een vader, moeder, broer, zus, kind, kleinkind etc. Elke voortijdige dood moet voorkomen worden, omdat niemand gemist kan worden. Wanneer je weet dat je HIV positief bent, kun je met een positieve levensstijl, en zonodig de juiste medicatie, nog steeds een lang en gelukkig leven lijden.

St Francis bezoekt scholen, kerken en bedrijven om voorlichting te geven over HIV/AIDS. Een groot aantal onderwerpen gerelateerd aan HIV/AIDS komt aan de orde. Aan het einde van de voorlichting hebben de mensen de mogelijkheid om zich te laten testen. De ervaring leert dat veel mensen dan beslissen om een test te laten doen. De mensen worden direct getest. De resultaten laten slechts een kwartiertje op zich wachten. Mensen hebben dan zekerheid, ongeacht de uitkomst van de test.

De man op de foto is een van de laatste werknemers van het bedrijf dat nog niet getest is. Op de dagen dat zijn collega’s voorlichting kregen en getest werden, werkte hij in de nachtdienst. Nu voelt hij zich een vreemde eend in de bijt: iedereen weet zijn of haar status, behalve hij. Wanneer een medewerker van St Francis het bedrijf bezoekt, wil ook hij getest worden.
De man vertelt dat hij getrouwd is en kinderen heeft. Zijn vrouw is HIV negatief. Ze weet dat hij zich vandaag zal laten testen. Voor hij trouwde heeft hij een aantal andere relaties gehad. Hij benadrukt echter dat dat lang geleden is. Sinds hij getrouwd is, is hij trouw aan zijn vrouw. Ze gebruiken geen condooms. Toch zegt de man dat je niemand kunt vertrouwen. Hij is nu overdag aan het werk en hij weet niet wat zijn vrouw dan uitspookt. In hun huwelijk zijn ze open over HIV/AIDS. Hij lijkt er geen probleem mee te hebben dat zijn vrouw mogelijk vreemd gaat. Zolang ze maar een condoom gebruikt. Dat zegt hij haar ook.

Voor het bloed wordt afgenomen voor de HIV test, vindt een gesprek met een counselor plaats. De counselor legt de test-procedure uit en benadrukt dat de resultaten vertrouwelijk zijn. Wanneer je andere mensen niet wilt vertellen over de resultaten, hoef je daar niet over te praten. Mensen kunnen je er niet toe dwingen. Verder worden de voor- en nadelen van de test besproken. Wanneer je je status weet kun je of voorkomen dat je de ziekte oploopt of kun je op tijd medicatie krijgen. De test heeft echter ook nadelen. Wanneer je HIV positief bent, kan dat leiden tot afwijzing, stigmatisering, discriminatie, zelf-medelijden en eenzaamheid. De besmette persoon moet leren leven met deze gevolgen en met de infectie. De man lijkt te vertrouwen in een goede uitkomst van de test. Toch zegt hij dat hij zenuwachtig is.
Dan wordt het bloed afgenomen. Een klein prikje in de vinger en een paar druppels bloed zijn genoeg. Als de minuten verstrijken, wordt de uitkomst zichtbaar. Voor deze man pakt het goed uit: hij is niet besmet met HIV. De counselor benadrukt dat het belangrijk is om dat zo te houden. Hij moet trouw blijven aan zijn vrouw en altijd een condoom gebruiken als dat niet het geval is. Over drie maanden moet hij zich opnieuw laten testen, omdat net na de infectie het virus nog niet te zien is in het bloed. Ik verwacht dat de man een gat in de lucht springt als hij de uitkomst hoort. Maar hij neemt alles zoals het komt. Ook als de uitkomst anders was geweest…

zaterdag 11 oktober 2008

Never give up!

St Francis heeft afgelopen week het feest van Fransiscus van Assisi gevierd. Fransiscus van Assisi zorgde tijdens zijn leven voor de mensen en de dieren zoals hij dacht dat God het wilde. De organisatie St Francis is genoemd naar deze heilige. De organisatie zorgt voor de mensen die direct en indirect te maken hebben met HIV/AIDS, zoals ook Fransiscus van Assisi gedaan zou hebben.

In Nederland vieren we op vier oktober dierendag om deze heilige te herdenken. Een dag om deze heilige te herdenken, ziet er bij St Francis heel anders uit. Het zijn niet de honden en de katten die verwend worden op deze dag. In plaats daarvan wordt stil gestaan bij de ziekte HIV/AIDS. Studenten van verschillende basisscholen en middelbare scholen waren uitgenodigd voor een interactief programma.
De belangrijkste boodschap die de studenten mee naar huis hebben genomen is: never give up! Geef nooit op, hoe moeilijk het ook is. Hoe verwoestend de ziekte ook om zich heen slaat, geef nooit op. Houd genoeg van jezelf om een HIV test te laten doen. Geeft nooit op, zelfs niet als je weet dat je HIV positief bent. Wanneer je je status weet, kun je op tijd de juiste medicijnen krijgen en kun je jezelf en anderen beschermen tegen verdere verspreiding van het virus.
Een onderdeel van het programma was een jonge man die vertelde over zijn HIV positive status. Hij is nu 26 en weet al zes jaar dat hij HIV positief is. Hij waarschuwt de studenten om niet dezelfde fout te maken als hij heeft gemaakt. Hij moedigt de studenten aan om geen sex te hebben totdat ze oud genoeg zijn om deze belangrijke beslissing te nemen. Daarnaast vertelt hij ook dat ze altijd een condoom moeten gebruiken als ze wel beslissen om sex te hebben. Deze manier van leren wordt ‘role-modeling’ genoemd. Mensen zijn eerder geneigd te leren van iemand waarmee ze zich kunnen identificeren. Deze jonge man kan een voorbeeld zijn voor de studenten. Een voorbeeld om open te zijn over je HIV besmetting, om te wachten met sex tot je er klaar voor bent en om altijd een condoom te gebruiken. Als je dat voorbeeld niet volgt, is deze jongen het levende voorbeeld van wat er dan kan gebeuren. Een HIV besmetting is voor het hele leven. En dagelijks leven met dit virus is niet makkelijk.
Het meest belangrijke, en vooral opwindende, onderdeel van de ochtend was een discussie tussen studenten van vier middelbare scholen. Op het moment kunnen kinderen jonger dan veertien jaar niet zelfstandig beslissen of ze een HIV test willen laten doen. Ze hebben de toestemming en begeleiding van hun ouder(s) nodig. De studenten discussieerden over deze regel. Moet de leeftijdsgrens opgeheven worden? Of misschien zelfs verder omhoog? De meningen verschillen en de discussie was verhit. De ene kant neemt aan dat de ouders liefhebbend en zorgzaam zijn. De leeftijdsgrens is dan geen probleem, omdat de ouders het beste voor hun kinderen willen. Op basis van mijn onderzoeksresultaten tot nu toe, betwijfel ik of alle ouders zo liefhebbend en zorgzaam zijn. Veel ouders zijn niet eens open over hun eigen status of hebben nog nooit een test laten doen. Het andere kamp beargumenteert dat, wanneer je oud genoeg bent om te beslissen dat je sex hebt, je ook zeker oud genoeg bent om zelfstandig te beslissen of je een HIV test wilt laten doen. Echter, niet alle jongeren beslissen uit vrije wil dat ze sex willen hebben. Het aantal verkrachtingen in Zuid-Afrika is schrikbarend hoog. Daar komt nog bij dat een HIV test emotioneel zwaar is. Hoewel HIV geen doodstraf meer is, is het wel een chronische ziekte waar je de rest van je leven mee zult moeten leven.
Hoewel voor beide kanten wat te zeggen valt, kan er uiteindelijk maar een school de winnaar zijn. De winnende school heeft de geldprijs terug gegeven aan de kinderen van St Francis. St Francis zorgt voor meer dan dertig kinderen die direct of indirect te maken hebben met HIV/AIDS. ‘s Avonds voor het slapen gaan komt een dienblad met medicijnen binnen. Verschillende pillen en drankjes voor elk kind. Dit zijn de medicijnen die ervoor moeten zorgen dat het HI-virus het immuunsysteem niet verder aantast. Deze kinderen zijn besmet geraakt via hun moeder. Een kind kan besmet raken voor of tijdens de geboorte of door het drinken van moedermelk. De kinderen in de Rainbow Cottage hebben hun ouders verloren en/of hebben geen familie die voor ze kan zorgen. Afgelopen week werd een meisje van een maand oud door haar oma gebracht. De moeder is geestelijk gehandicapt en de oma is te oud om voor het kindje te zorgen. Nu woont ook zij in de Rainbow Cottage. Het geld van de discussie zal ook voor haar gebruikt worden.

vrijdag 3 oktober 2008

Community Care Project besteedt aandacht aan HIV/AIDS op scholen

Het meisje hangt de was op. Normaal gesproken gaat ze naar school, maar nu is het vakantie. Geen vakantie met uitstapjes naar het strand en de stad, maar een vakantie waarin ze thuis aan het werk is. Het lijkt haar niet te deren. Ze houdt ervan om naar school te gaan. Later wil ze advocaat worden. Zij is een van de studenten van het Community Care Project. Het project werkt in de townships van Pietermaritzburg. De scholen in de townships zijn op de hoogte van de problemen in de gemeenschap, maar niet in staat daar wat aan te doen. Het programma van CCP biedt uitkomst.

Het Community Care Project (CCP) is een van de organisaties die ondersteund wordt door Dorcas. Door middelbare scholen en kerken werkt de organisatie aan het verbeteren van de levenskwaliteit van de mensen met HIV/AIDS en het verminderen van het aantal nieuwe besmettingen. De grootste resultaten zijn te bereiken onder de jongeren. De meeste nieuwe besmettingen vinden plaats onder hen. Verder wordt door te werken met de schoolgaande jeugd, de hele gemeenschap bereikt.

Een eerste activiteit wordt georganiseerd voor de hele school. Omdat veel scholen niet een centrale hal hebben, wordt de bijeenkomst vaak buiten gehouden. De leerlingen uit alle klassen komen bij elkaar om te leren over HIV/AIDS. Er wordt verteld wat HIV/AIDS is, hoe het zich verspreid, hoe infectie voorkomen kan worden, dat het belangrijk is om een bloedtest te laten doen en wat de gevolgen van de epidemie voor de samenleving zijn.
Daarna richt CCP zich op de leerlingen van de tweede en derde klas van de middelbare school. Een van de vakken die de leerlingen krijgen, is levensbeschouwing. Tijdens dit vak worden verschillende maatschappelijke en sociale onderwerpen behandeld. Een van deze onderwerpen is HIV/AIDS. De aandacht voor HIV/AIDS in de landelijke methode is slechts beperkt. CCP neemt elke week een van de lessen in levensbeschouwing over van de ‘gewone’ leraar.

In de lessen van CCP wordt aandacht besteed aan HIV/AIDS. Er wordt zowel aandacht besteed aan de medische kant van de ziekte als aan de sociale kant. Vragen die aan de orde kokmen zijn: Wat doet HIV met het immuun systeem? Hoe voelt het om HIV positief te zijn? Hoe worden andere mensen beinvloed als ik HIV positief ben? Hoe kan ik mezelf beschermen? De belangrijkste boodschap van CCP is dat het belangrijk is om geen sex te hebben voor het huwelijk. Daarnaast is het belangrijk om trouw te zijn aan een partner die, net als jij, ook HIV negatief en trouw is. Er wordt ook over condooms gesproken. Condooms zijn niet 100% veilig, maar kunnen enige bescherming bieden. Wanneer er onzekerheid is over trouw of de HIV status, is het bijvoorbeeld goed om een condoom te gebruiken.
De lessen van CCP gaan niet alleen over HIV/AIDS. HIV/AIDS wordt in een breder kader geplaatst. De leerlingen leren ook over andere sexueel overdraagbare aandoeningen, over sex, over hun lichaam en hoe dat verandert tijdens de puberteit, en over wie ze zijn. Alleen aandacht voor HIV/AIDS is niet genoeg. Het is belangrijk de leerlingen te begrijpen en ze niet alleen de kennis te geven, maar ook het inzicht en de vaardigheden om de juiste beslissingen te nemen.
Tijdens het ophangen van de was vertelt het meisje dat ze de lessen van CCP leuk vindt. Het is leuker wanneer iemand van CCP komt om les te geven dan wanneer de gewone leraar het vak geeft. De leerlingen krijgen geen cijfer voor wat ze leren. Het doel is niet om feitjes te stampen, maar om leerlingen bewust te maken dat alleen zij kunnen belissen over hun eigen leven. Het lessen van CCP zijn interactief. Er is geen leraar die voor de klas staat en zijn of haar verhaal afdraait. Het zijn de leerlingen die moeten discussieren en rollenspelen moeten doen. De medewerker van CCP is er om dat process in goede banen te leiden en om aanvullende informatie te geven.

Door het intensieve contact met de leerlingen, bouwen de medewerkers van CCP een relatie op met de leerlingen. Er is een relatie van vertrouwen en openheid. De medewerkers van CCP leren over de thuissituatie van de kinderen. Van elk kind wordt informatie verzameld. De map van het meisje heeft een rode sticker gekregen: de thuissituatie is ernstig. Alle kinderen met een rode sticker op hun map krijgen thuis bezoek van CCP. Er wordt gesproken met de volwassenen, er wordt informatie verzameld en er wordt gekeken wat er voor het gezin gedaan kan worden.
Dit meisje heeft een paar jaar geleden haar beide ouders verloren. Nu woont ze met haar kleine broertje bij haar oom en tante in huis. Ook haar opa en oma wonen daar. Het huis is gemaakt van modder en mest, maar van binnen is het vrolijk roze en blauw geschilderd. De mensen zijn arm. We laten luiers en dekens achter, maar daar zal het niet bij blijven.